dinsdag, 25 aug 2015
 
 
Incasso Afdrukken
Een succesvolle invordering begint bij een ervaren en deskundig advocaat die betrokken is bij de volledige afhandeling van uw dossier vanaf de aanmaning.  Advocaten zijn gebonden door het beroepsgeheim en dienen de regels van de Raad der Orde strict na te leven, onder meer in verband met, beheer, behandeling en doorstorting van ontvangen derdengelden

Advocatenkantoor VERMEIR is onderlegd in zowel de minnelijke als de gerechtelijke invordering van openstaande facturen zowel in binnen -als buitenland.

Een aan het kantoor toevertrouwd invorderingsdossier doorloopt doorgaans volgende stadia :

 

1. AANMANING

Middels een schrijven met  een gedetailleerde opgave van de verschuldigde bedragen wordt de debiteur aangemaand.  Het schrijven omvat een juiste specifiering van  de hoofdsom, interesten en schadebeding; dit overeenkomstig de factuurvoorwaarden.

In dit schrijven wordt de debiteur verzocht over te gaan tot betaling van het verschuldigde binnen een bepaalde termijn.  Eveneens wordt hem de mogelijkheid geboden een afbetalingsplan aan te vragen.
 

2. MINNELIJKE  SCHIKKING  ( artikel 731  Ger. W. )

Reageert de debiteur niet binnen de gestelde termijn ( geen betaling, afbetaling of schrijven ),  worden de dossiers overgemaakt aan de griffie van het bevoegde Vredegerecht met het verzoek het nodige te doen voor oproeping in verzoening.

De oproep tot minnelijke schikking of de oproeping in verzoening strekt ertoe geschillen definitief te beslechten, buiten een gerechtelijke procedure om.  Het geeft beide partijen de mogelijkheid om hun geschil ( niet-betaling van een factuur ) in der minne / onderling te regelen zodat de kosten en het onbehagen van een eigenlijke procedure kan worden vermeden.

De taak van de Vrederechter bij een verzoeningsprocedure is van loutere bemiddelende / verzoenende aard.

Indien partijen op de verzoeningszitting tot een overeenkomst komen ( afbetaling gespreid over x aantal maanden / volledige betaling tegen uiterlijk /  /  / ) , stelt de Vrederechter hiervan een proces-verbaal van minnelijke schikking op dat door beide partijen dient te worden ondertekend.  Indien achteraf de debiteur zich niet houdt aan de afspraak, opgenomen in het pv, dan kan de uitvoerbare titel hiervan worden overgemaakt aan de gerechtsdeurwaarder die overgaat tot uitvoering, dit op kosten van de debiteur.  Het proces-verbaal heeft identiek dezelfde waarde als een vonnis en maakt een gerechtelijke procedure volkomen overbodig.

Komen de partijen niet tot een akkoord of laat de debiteur verstek gaan, dan wordt er een proces-verbaal van niet verzoening opgesteld en blijft het geschil onopgelost.  Gelet op het feit dat in deze fase de Vrederechter geen rechtsprekende bevoegdheid heeft kan hij geen vonnis vellen. 

Aan de verzoeningsprocedure zijn geen kosten verbonden en geschiedt in de beslotenheid van het kabinet van de Vrederechter.
 

3. PROCEDURE  VOOR  DE  BEVOEGDE  RECHTBANK

Indien de debiteur geen gevolg geeft aan de ingebrekestelling en de verzoeningszitting, dient er een procedure te worden opgestart voor de bevoegde rechter; zijnde Vrederechter of Rechtbank van Eerste Aanleg.

Deze procedure kan op volgende manieren worden geactiveerd :

Summiere rechtspleging om betaling te bevelen ( art. 1338 Ger. W. )
Elke vordering behorende tot de bevoegdheid van de vrederechter en strekkende tot betaling van een vaststaande schuld die een geldsom tot voorwerp heeft waarvan het bedrag 1.860 € niet te boven gaat, kan worden ingesteld, behandeld en berecht overeenkomstig de bepalingen van artikelen 1338 Ger. W - 1344 Ger. W., indien zij voor hem gestaafd lijkt te zijn door een geschrift dat van de schuldenaar uitgaat.

Het verzoekschrift wordt voorafgegaan door een aanmaning tot betalen die hetzij aan de schuldenaar wordt betekend bij deurwaardersexploot, hetzij aangezegd bij ter post aangetekende brief met ontvangstbewijs.

Dagvaarding 
Via een dagvaarding wordt de zaak aanhangig gemaakt voor de bevoegde rechter.  Is gedaagde aanwezig op de zitting, dan wordt er een vonnis op tegenspraak geveld.  Komt hij daarentegen niet opdagen, wordt er een verstekvonnis genomen.

Europese betalingsbevelprocedure ( Verordening 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 )
Met deze procedure, die sedert 2008 van toepassing is, worden de kosten van verbonden aan grensoverschreidende zaken betreffende niet- betwiste geldvorderingen vereenvoudigd, versneld en goedkoper.

Voormelde verordening is van toepassing in elke Lidstaat, met uitzondering van Denemarken.

De Europese betalingsbevelprocedure is toepasselijk in grensoverschrijdende geschillen, zowel in burgerlijke als handelszaken en ongeacht de jurisdictie.  Vallen echter niet onder het toepassingsgebied :  douanezaken, fiscale zaken, , bestuursrechtelijke zaken, huwelijksgoederenrecht, faillissement, sociale zekerheid, vorderingen uit niet - contractule verbintenissen.

De volledige tekst van verordening 1896/2006

De Europese betalingsbevelprocedure verloopt aan de hand van volgende formulieren :
  1. Verzoek om een Europees betalingsbevel
  2. Verzoek aan eiser om een verzoek tot Europees Betalingsbevel aan te vullen en/of te corrigeren
  3. Voorstel aan de eiser om een verzoek tot Europees Betalingsbevel te wijzigen
  4. Beslissing tot afwijzing van het verzoek tot Europees Betalingsbevel
  5. Europees Betalingsbevel
  6. Verweer tegen een Europees Betalingsbevel
  7. Uitvoerbaarverklaring
 

4. UITVOERING  VIA  DE  GERECHTSDEURWAARDER

De gerechtsdeurwaarder gaat over tot gedwongen uitvoering.
 

5. SCHULDBEWAKING

Indien de gerechtsdeurwaarder het dossier terugstuurt wegens insolvabiliteit, wordt het lokale OCMW aangeschreven met het verzoek te bemiddelen.  Ingeval van ambtshalve schrapping wordt het dossier geagendeerd op een latere datum waarop het rijksregister wordt geraadpleegd waarna, bij nieuwe inschrijving, de uitvoering  wordt hervat.  Dit stadium is het meest arbeidsintensieve, doch ook zeer effectief.